Marktinformatie

Waarom herstellen de beurzen terwijl de economie verzwakt?

10 september 2020 | Marktinformatie

Beurzen kijken vooruit, dat weet u als belegger maar al te goed. Op het ogenblik dat corona opdook in Italië, doken de beurzen naar beneden. Een goede maand later zetten de markten een remonte neer. Hoe kan dat?

De coronacrisis blijft het internationale politieke en economische toneel domineren. Hier en daar steekt een tweede golf de kop op en schroeven overheden de quarantaineduimschroef weer aan. De wereldeconomie ondergaat ondertussen de grootste krimp sinds de crisis van 1929: analisten gaan ervan uit dat het wereldwijde bbp in de eerste helft van 2020 daalt met 15 tot 17%.

Doom and gloom in de economische cijfers, maar niet echt op de beurs. Na het dieptepunt op 23 maart vatten de financiële markten opnieuw moed. De internationale aandelenindex MSCI World wist het -29,07% verlies aan het einde van het eerste kwartaal te beperken tot een verlies van -4,98% op 8 september.

Ontbreekt het de beurs aan realiteitszin? Niet meteen. Er zijn wel degelijk goede verklaringen voor het beursherstel. De snelle en doortastende reactie van de centrale banken en de regeringen is één. Ook de draagkracht van het bancaire systeem speelt mee. En ten slotte herstelt de productie en consumptie sneller dan verwacht. De belegger, die steeds naar de toekomst kijkt, heeft goede hoop dat de ervaring van de afgelopen maanden helpt om een opflakkering van de epidemie gerichter aan te pakken. Dat zou de impact van mogelijke nieuwe golven op de economie moeten beperken.

De lockdownmaatregelen van de overheden hakten fors in op de wereldeconomie.

Waar staan we vandaag in de gezondheidscrisis?

Overheden hebben op de pandemie gereageerd door ongeziene beperkende maatregelen op te leggen, die de economische activiteit en de mobiliteit van burgers lamlegden. China vaardigde al lockdownmaatregelen uit in januari, later in maart volgden de belangrijkste ontwikkelde landen. In mei-juni werden ze geleidelijk weer afgebouwd. De BIB (Bank voor Internationale Betalingen) ontwikkelde een internationale mobiliteitsindex die de impact van de lockdown weerspiegelt: van 100 in februari viel deze index terug naar 40 punten midden april. Sindsdien stijgt hij weer gestaag. Vandaag komt hij uit op meer dan 80 punten.

De geleidelijke versoepeling zorgde voor nieuwe besmettingen, vooral in de leeftijdscategorie van 20 tot 40 jaar, gelukkig zonder beduidende toename van het aantal ziekenhuisopnames en overlijdens. De epidemie blijft echter fel woeden in sommige staten van de VS (van Californië tot Florida), in Latijns-Amerika en in India.

Hoe groot is de economische schade?

De lockdownmaatregelen van de overheden hakten fors in op de wereldeconomie. De vraag klapte in elkaar, de bevoorrading van fabrieken kwam in het gedrang, de bevoorradingsketens werden onderbroken, het transport viel stil. Het was ongezien: de economie werd in 1-2-3 stilgelegd. Het bbp kelderde in het tweede kwartaal met 30 tot 40%. Analisten stelden hun economische vooruitzichten almaar naar beneden bij, misschien wel in overdreven mate. Vandaag houdt het IMF (Internationaal Monetair Fonds) rekening met een daling van de economische groei van -4,9% wereldwijd, -10,2% in de eurozone en -8% in de Verenigde Staten. Enkel China zou nog een bescheiden groei van 1% laten optekenen.

De reactie van de centrale banken en de regeringen was snel, gedurfd en efficiënt. Vooreerst hadden ze lessen getrokken uit de ervaringen met de financiële crisis van 2008. Bovendien was er geen moreel debat: er stonden mensenlevens op het spel

De reactie van de centrale banken en de regeringen was snel, gedurfd en efficiënt.

Centrale banken pompen geld in de economie

De centrale banken kochten als ultieme kredietverstrekker massaal publiek en privaat schuldpapier aan en verstrekten leningen aan banken. Ze stelden zich ook in de plaats van de klassieke tussenpersonen (banken, makelaars) als die het lieten afweten. Zo herstelden ze de liquiditeit van de markten die halfweg het eerste semester helemaal dreigde op te drogen, en deblokkeerden ze de markten voor hoogrentende obligaties en de indexfondsen.

De geldinjectie in het tweede kwartaal van 2020 was nog een pak groter dan tijdens de financiële crisis van 2008. Ze bedroeg 15% van het bbp in de Verenigde Staten, 12% in Japan en 8% in de eurozone. Ter vergelijking: in 2008 schommelde dat tussen 3 en 9%. Gelukkig konden de centrale banken terugvallen op een sterk bancair systeem – een gevolg van de financiële crisis. In de eurozone, waar bankkredieten doorslaggevend zijn, werden banken aangespoord om hun kredietvolumes te verhogen, door de prudentiële regels (o.a. over de sterkte van de balans) te versoepelen, buitengewone kredietvoorwaarden toe te kennen (een rentevoet van -1%) en de uitkering van dividenden te blokkeren. De impact was onmiddellijk zichtbaar, want het volume van de toegekende bedrijfskredieten in 2020 steeg met 7%.

Steun vanwege de centrale banken in het tweede kwartaal (in % van het bbp)

Bron: LCV Research

Overheden schieten bedrijven en consumenten te hulp

De actuele crisis kan echter niet worden opgelost door het louter injecteren van geld. Door het stilvallen van de economische activiteit zijn er omvangrijke transfers nodig naar bedrijven en particulieren om hun inkomstenverlies te compenseren. De mate waarin de overheden hebben ingegrepen, was dan ook ongezien sinds de Tweede Wereldoorlog. De budgettaire relanceplannen vertegenwoordigen 3,5% van het wereldwijde bbp, 6% in de Verenigde Staten, 7% in Japan en Duitsland. De overheidstekorten zullen in 2020 dus blijven toenemen, tot 16% in de Verenigde Staten en 7% in de eurozone.

Budgettaire relanceplannen vanwege de overheden (in % van het bbp)

Bron: LCV Research

Historisch Europees akkoord

In de eurozone zorgde het doortastende optreden van de tandem Macron-Merkel ervoor dat de ‘zuinige vier’, waarvan Duitsland zich ook meer heeft gedistantieerd, hun strenge eisen uiteindelijk lieten varen. De Europese gemeenschap zal 750 miljard euro aan middelen verstrekken waarvan het merendeel aan de landen die door de crisis het zwaarst getroffen zijn. Dit gebeurt voor een bedrag van 360 miljard in de vorm van zeer langlopende kredieten. De resterende 390 miljard neemt de vorm aan van subsidies en bedraagt 17% van het bbp voor Griekenland, 8,5% voor Portugal, en 6,5% voor Spanje en 5% voor Italië. Het woord ‘historisch’ is hier op zijn plaats. Dit is de eerste herverdeling van deze omvang voor Europa, en ze verstevigt de solidariteit tussen de lidstaten op langere termijn.

Het akkoord is ook gekoppeld aan een nieuwe meerjarenbegroting van de Commissie en aan de versoepeling van de budgettaire beperkingen voor de lidstaten. De financiële markten reageerden enthousiast: de euro steeg met zowat 5% ten opzichte van de Amerikaanse dollar. De deal is een hoopvol teken van solidariteit, na de interne spanningen zoals die tot uiting kwamen in de brexit en de lauwe houding van de zuinige landen over het relanceplan.

Hoe snel komt het herstel?

De economische schade die het virus heeft toegebracht is aanzienlijk. Hoe geraken we hieruit? Er zijn verschillende scenario’s mogelijk. De V wijst op een snel herstel, de U op een trager herstel, de W op een herstel in twee fases, en de L op een langdurige stagnatie. De voorlopende indicatoren wijzen in eerste instantie wijzen op een V-herstel, zoals blijkt uit de volgende grafiek:

Index aankoopdirecteuren (PMI Composite) toont een heropleving in de vorm van een V

Bron: Bloomberg
Een getal kleiner dan 50 duidt op een inkrimping van de activiteit, een hoger getal op een stijging.

Het meest waarschijnlijke scenario zou een aanvankelijk sterk herstel zijn, gevolgd door een tragere groei. Tegen eind 2021 bereiken we dan opnieuw het niveau van vóór de crisis. Dit scenario komt overeen met de huidige evolutie in China, waar de grote bedrijven opnieuw 95% van hun normale activiteitsniveau halen. Dit herstelprofiel houdt rekening met de handhaving van een aantal gezondheidsmaatregelen en het feit dat de pandemie in sommige landen trager afneemt. Tegelijk mogen we niet vergeten dat de regio’s die vandaag het zwaarst getroffen zijn (zoals India, Latijns-Amerika, Mexico) slechts 10% vertegenwoordigen van de wereldconsumptie. Voeg daar nog 10% aan toe voor een deel van de VS waar de pandemie nog stevig blijft woeden. Dit scenario houdt eveneens rekening met de tol die verschillende sectoren nog een hele tijd moeten betalen, zoals het toerisme, de evenementensector en vooral de luchtvaart, die geen normalisering van de situatie verwacht vóór 2024.

Moeten we bang zijn voor inflatie?

Wanneer centrale banken fors ingrijpen, duikt bij sommige economen het doembeeld van een terugkerende inflatie op. Ten onrechte, want de inflatie doet al meer dan 40 jaar niets anders dan dalen … We moeten inderdaad verder kijken dan puur de geldinjecties van de centrale banken. De vraag is wat actoren met dat geld aanvangen. Om de inflatie aan te wakkeren, moeten banken dat geld immers vermenigvuldigen in de vorm van kredieten. Dat extra geld moet ook leiden tot een sterke vraag die uitstijgt boven het beschikbare aanbod van goederen en diensten. Bovendien kan die inflatie pas stand houden indien er een vicieuze cirkel ontstaat van hogere prijzen en hogere lonen. Vandaag is de crisis echter deflatoir: er is een neerwaartse druk op de vraag en consumptie, terwijl de spaarquote stijgt. Bovendien neemt de toename van de werkloosheid de opwaartse druk op de lonen weg.

Is er dan helemaal geen gevaar? Het is niet denkbeeldig dat productieprijzen op langere termijn hinder zullen ondervinden van de milieubeperkingen, de structurele gezondheidsmaatregelen en de tendens om de industriële productie terug te halen naar hogeloonlanden. En dat de consument daar finaal de eindfactuur voor betaalt. Maar dan moeten de bedrijven nog wel hun prijzen kunnen verhogen, er moet er ruimte zijn om de lonen op te trekken. En breekt er in tussentijd een belangrijke technologische innovatie door, dan kan dat alsnog het tij doen keren.

Voorlopig is de inflatie onder controle en verwachten centrale bankiers dat ze in 2020 of in 2021 onder de inflatiedoelstelling van 2% blijft.

Beurzen bekomen goed

De beursmalaise van februari en maart - met een forse terugval van 30 tot 40% - werd gevolgd door een snel herstel in het tweede kwartaal. Ook tijdens de zomermaanden knappen de beurzen op, weliswaar aan een lager tempo. De technologie-aandelen (NASDAQ) ondergaan sinds begin september een correctie na hun stijging in de zomer. Met een mooie prestatie van +15,91% blijven ze wel goed scoren op jaarbasis.

Ook tijdens de zomermaanden knappen de beurzen op, weliswaar aan een lager tempo.

Uitgedrukt in euro's beperkte de wereldindex op 8 september de daling op jaarbasis tot -4,98% (MSCI WORLD). De cijfers lopen wel sterk uiteen naargelang de regio: -1,17% in Azië zonder Japan (MSCI Asia ex-Japan), -1,83% in de Verenigde Staten (S&P 500), -3,84% in Japan (Nikkei 225) en -12,53% in Europa (STOXX 600). Het gewicht van de technologische en farmaceutische aandelen verklaart de betere prestaties van de Amerikaanse markt. In Azië speelt het feit mee dat het als eerste regio de rug recht na de coronacrisis. Groot-Brittannië is een geval apart: de gezondheidscrisis werd er slecht beheerd en het land zit met een brexit zonder akkoord. Het resultaat is een verlies van -26,38% (FTSE 100).

Marktevolutie sinds het begin van 2020 (in euro)

Bron: Bloomberg

De tienjaarsrente liep fors terug. De rentedaling was het duidelijkst in de Verenigde Staten (van 1,91% naar 0,67%), maar deed zich ook voor in Europa (van -0,18% tot -0,49% in Duitsland, van 0,21% tot -0,19% voor de euro swaprente op 10 jaar).

De euro heeft de wind in de zeilen, door de groeiende solidariteit die we zien in de Europese relancemaatregelen. De eenheidsmunt steeg aanzienlijk: +5,57% tegenover de Amerikaanse dollar, +6,80% tegenover het britse pond en +3,28% tegenover de yen. Dit versterkt de deflatoire trend in Europa en baart de ECB daarom toch wat zorgen.

De grondstoffen konden na een woelig eerste kwartaal standhouden op -25,86% (index Thomson Reuters/Core Commodity in Amerikaanse dollar). Olie was de grootste boosdoener, met een terugval van 39,73% van de Brent-prijs. Goud viel bij beleggers opnieuw meer in de smaak en boekte op jaarbasis een winst van 20,90% (in euro).

Vooruitzichten voor beleggers

De rente zal nog geruime tijd rond nul procent schommelen, en de korte rente zal waarschijnlijk zelfs nog jaren negatief blijven. Dat komt door de zwakke economie en vooral door de onafgebroken ingrepen van de centrale banken, zonder dat de inflatie zal aantrekken. Het is een van de verklaringen waarom de aandelenmarkten het nog steeds goed doen. Beleggers keren er systematisch naar terug, omdat het hun enige kans is om echt een positief rendement te halen.

Beleggers keren steeds opnieuw naar de aandelenmarkten, omdat het hun enige kans is om een positief rendement te halen.

De bedrijfsresultaten in heel wat sectoren worden uiteraard beïnvloed door de crisis, maar toch minder dan verwacht. De daling van de winst per aandeel zou wereldwijd gemiddeld in de buurt van -22% komen. In 2021 zou die krimp grotendeels goedgemaakt worden. En er zijn zelfs winnaars in het coronaverhaal. Sommige techbedrijven en farmaceutica publiceerden voor het tweede kwartaal spectaculaire resultaten, en ook hun vooruitzichten zien er rooskleurig uit. Het rendement van een portefeuille zal dus hoofdzakelijk van het aandelensegment komen. De obligaties en liquide middelen dienen vooral als buffer, om de capriolen van de financiële markten op te vangen. Gezien de onzekerheid rond corona zitten die er wellicht aan te komen. Ook de politieke ontwikkelingen zijn een groot vraagteken: de verkiezingen in de Verenigde Staten, de handelsbetrekkingen met China, de brexit, de toestand in het Midden-Oosten, enzovoort.

Evenwicht en voorzichtigheid, daar draait het om bij wie doordacht belegt en een portefeuille beheert op lange termijn. Bovendien zullen beleggers systematisch moeten zoeken naar de bedrijven en sectoren die het best bestand zijn tegen de langdurige gevolgen van deze gezondheidscrisis, en die beter gewapend zijn om de maatschappelijke en ecologische uitdagingen het hoofd te bieden.

 
 
Nederlands
Français Nederlands