Onder de oppervlakte van AI: de fundamenten van een technologische revolutie
- 27 augustus 2026
Wanneer u een AI-tool vraagt om een document samen te vatten, een afbeelding te genereren of een vraag te beantwoorden, verschijnt het antwoord binnen enkele seconden. Dat snelle antwoord is slechts het topje van de AI-ijsberg. Achter artificiële intelligentie schuilt een brede economische realiteit van infrastructuur, economische waardecreatie en geopolitieke belangen. Wie haar werkelijke impact wil begrijpen, moet verder kijken dan de technologie zelf. We nemen u graag mee onder de oppervlakte.
De fysieke infrastructuur van AI
Artificiële intelligentie wordt het vaakst geassocieerd met technologiebedrijven die de AI-modellen ontwikkelen. Maar die AI-modellen steunen op een uitgebreide fysieke infrastructuur die minder zichtbaar is voor de gebruiker.
Datacenters zijn een essentieel onderdeel van die infrastructuur. Ze huisvesten de servers en rekensystemen die nodig zijn om AI-modellen te trainen en te gebruiken. Maar zo’n center creëren, houdt meer in dan servers in een gebouw plaatsen. Voor de bouw zijn onder meer staal, cement, kabels, koelsystemen en tal van gespecialiseerde installaties nodig. Daarnaast steunt de werking ervan op snelle verbindingen, toegang tot glasvezelnetwerken, een betrouwbare stroomvoorziening en een aansluiting op het elektriciteitsnet.
In de servers en rekensystemen die in datacenters draaien, bevinden zich de technologische componenten die het hart van AI vormen: halfgeleiders, processors en krachtige geheugensystemen. Hun productie steunt op een complexe mondiale waardeketen, waarin onder meer chipontwerpers, producenten van gespecialiseerde machines en halfgeleiderfabrikanten een cruciale rol spelen. Die onderlinge afhankelijkheid maakt de sector essentieel voor de digitale economie, maar ook gevoelig voor verstoringen in de toeleveringsketen.
Naarmate artificiële intelligentie krachtiger wordt en op grotere schaal wordt ingezet, worden ook de infrastructuur en technologie die deze ontwikkeling mogelijk maken steeds strategischer. Met andere woorden: nog vóór AI een antwoord formuleert, een beeld genereert of een taak uitvoert, doet ze al een beroep op een groot deel van de reële economie.
Zonder elektriciteit geen AI
Als er één onmisbare factor is voor artificiële intelligentie, dan is het elektriciteit. Zowel het trainen van AI-modellen als hun dagelijkse gebruik vereisen aanzienlijke rekenkracht en dus een grote hoeveelheid stroom. Volgens het Internationaal Energieagentschap nam het elektriciteitsverbruik van datacenters wereldwijd met ongeveer 17% toe in 2025.
Die toename heeft gevolgen voor de energie-infrastructuur. Om aan de groeiende vraag te voldoen, zijn investeringen nodig in elektriciteitsnetwerken, productiecapaciteit, opslagoplossingen en efficiëntere apparatuur. Energieproducenten, netbeheerders en fabrikanten van elektrisch materiaal nemen daardoor een steeds belangrijkere positie in binnen het AI-ecosysteem.
De beschikbaarheid van energie wordt ook een belangrijk selectiecriterium voor technologiebedrijven bij de keuze van nieuwe vestigingslocaties. Elektriciteit is voor hen niet langer louter een operationele kost. De beschikbaarheid ervan, de snelheid waarmee een aansluiting op het netwerk kan worden gerealiseerd en de betrouwbaarheid van de bevoorrading bepalen steeds meer welke landen en regio’s nieuwe datacenterinvesteringen kunnen aantrekken.
Ierland is daarvan een treffend voorbeeld. Dankzij de aanwezigheid van veel internationale technologiebedrijven, sterke connectiviteit en een goed uitgebouwde digitale infrastructuur trok het land de voorbije jaren talrijke datacenters aan. Volgens het Central Statistics Office waren datacenters in 2025 goed voor 23% van het gemeten elektriciteitsverbruik van het land, tegenover 5% in 2015.
De groeiende elektriciteitsbehoefte van AI creëert dus economische kansen, maar een sterke concentratie van datacenters kan tegelijk het hele energiesysteem onder druk zetten. De verdere ontwikkeling van datacenters moet daarom worden afgestemd op de beschikbare netcapaciteit en de betrouwbaarheid van de bevoorrading. Dat vereist niet alleen investeringen in energieproductie en elektriciteitsnetten, maar ook een aangepast aansluitingsbeleid om voldoende capaciteit beschikbaar te houden voor bedrijven, publieke voorzieningen en gezinnen.
AI verspreidt zich door de hele economie
Tot dusver stond de waardeketen achter AI centraal: de infrastructuur, technologie en energievoorziening die nodig zijn om de modellen te ontwikkelen en te laten draaien. Haar invloed strekt zich echter al uit over veel meer sectoren. Ze ontstaat ook bij de bedrijven die deze technologie inzetten om processen efficiënter te maken, nieuwe diensten te ontwikkelen of beter geïnformeerde beslissingen te nemen.
In de financiële sector kan AI documentanalyse versnellen en repetitieve taken automatiseren. In de gezondheidszorg ondersteunt ze de interpretatie van medische beelden en het beheer van gegevens. In de industrie helpt ze onder meer bij voorspellend onderhoud, kwaliteitscontrole en de optimalisatie van productieprocessen. Ook in de dienstensector versnelt AI het opzoeken van informatie en maakt ze een meer gepersonaliseerde klantrelatie mogelijk.
Die bredere impact doet denken aan eerdere economische transformaties. De spoorwegen creëerden niet alleen waarde voor spoorwegmaatschappijen, maar ook voor staalproducenten, bouwbedrijven en nieuwe economische regio's. Elektrificatie reikte veel verder dan de energiesector alleen. Ook internet bracht niet enkel nieuwe spelers voort, maar veranderde de werking van bestaande ondernemingen fundamenteel. Artificiële intelligentie lijkt een vergelijkbaar traject te volgen.
Een technologische race met geopolitieke dimensie
De race rond artificiële intelligentie is nog lang niet afgelopen. Zowel de technologische vooruitgang als de investeringen, die kwartaal na kwartaal blijven toenemen, blijven in hoog tempo verdergaan.
Naarmate AI belangrijker wordt voor innovatie, productiviteit en economische groei, groeit ook haar strategische belang. De concurrentiestrijd speelt zich daardoor niet langer uitsluitend af tussen technologiebedrijven, maar steeds vaker ook tussen landen die hun positie in deze technologische ontwikkeling willen versterken. Zo krijgt AI ook een geopolitieke dimensie.
Een voorbeeld daarvan zijn de exportbeperkingen van geavanceerde technologieën die verschillende Westerse landen hebben opgelegd richting China. Tegen die achtergrond voert China de investeringen in het eigen AI-ecosysteem verder op. Het land wil zo zijn technologische afhankelijkheid verminderen en zijn positie tegenover de Verenigde Staten versterken.
Artificiële intelligentie wordt dus niet alleen gezien als een motor van innovatie, maar ook als een kwestie van technologische soevereiniteit, concurrentiekracht en invloed op wereldschaal.
Wat betekent dit voor beleggers?
Voor beleggers ligt de uitdaging niet in het voorspellen van één toekomstige winnaar van AI.
Zoals we hebben gezien, steunt artificiële intelligentie op een brede waardeketen die veel verder reikt dan de bedrijven die de modellen ontwikkelen. Van chips en datacenters tot energie-infrastructuur en de bedrijven die AI in hun dagelijkse werking integreren: waarde kan op verschillende plaatsen in die keten ontstaan.
Dat betekent niet dat alle spelers dezelfde positie innemen. Bepaalde middelen, zoals rekenkracht, data en de meest geavanceerde chips, blijven geconcentreerd bij een beperkt aantal spelers. Bedrijven die deze cruciale schakels controleren, kunnen sterke concurrentievoordelen opbouwen. Tegelijk kan die concentratie ook leiden tot afhankelijkheden en risico's, bijvoorbeeld op het vlak van regelgeving of toeleveringsketens.
Daarnaast moeten groeivooruitzichten altijd worden afgewogen tegen waarderingen, kapitaalbehoeften en sectorspecifieke risico's. De sterke vraag van vandaag sluit toekomstige capaciteitsaanpassingen of periodes van normalisering niet uit. In opkomende technologieën kan het enthousiasme van beleggers ertoe leiden dat beurskoersen sneller stijgen dan de onderliggende bedrijfswinsten.
De vraag is daarom niet alleen welke bedrijven zullen profiteren van de verdere ontwikkeling van AI, maar ook welke ondernemingen erin zullen slagen hun aanzienlijke investeringen duurzaam om te zetten in winst.
Daarom volgen de fondsbeheerders van Delen Private Bank de volledige waardeketen op. Naast groeiperspectieven analyseren zij ook de kwaliteit van bedrijfsmodellen, financiële soliditeit, concurrentievoordelen, waarderingen en het vermogen van ondernemingen om investeringen om te zetten in winst en kasstromen. Een gediversifieerde aanpak maakt het mogelijk om in te spelen op de langetermijnkansen die AI creëert, zonder afhankelijk te worden van één bedrijf of één technologische belofte.
Besluit
Artificiële intelligentie wordt vaak voorgesteld als een softwarerevolutie. Maar zoals bij een ijsberg vormen de zichtbare toepassingen slechts een deel van het geheel.
Onder de oppervlakte schuilt een uitgebreid economisch systeem, van grondstoffen en halfgeleiders tot datacenters, elektriciteitsnetwerken en de bedrijven die deze technologie in hun dagelijkse werking inzetten. Wie de economische impact van AI wil begrijpen, moet daarom verder kijken dan de technologie alleen.
Voor beleggers is dat een belangrijke les: de interessantste kansen bevinden zich niet altijd waar de meeste aandacht naartoe gaat. De fundamenten van een economische transformatie begrijpen is vaak even belangrijk als de toepassingen die het grote publiek ziet.
Disclaimer
De informatie in dit artikel mag niet worden beschouwd als beleggingsadvies of een beleggingsanalyse.
Kies voor gemoedsrust
Vertrouw het beheer en de planning van uw vermogen toe aan onze experten. Een van onze relatiebeheerders vertelt u er graag meer over.